Komkommertijd
Komkommertijd en ik alleen. Ik lust niet eens
komkommers. Alle hulp verdwenen. Weg vangnet,
heen. Hangt niet meer op, gewoonweg nergens
meer te vinden. Soms radeloos en hopeloos
verschroeid haast. Die hulp die hielp, die ik
vertrouwde, is weggegaan. Zit ergens waar het
héél exotisch is. Even weg van afspraken en
ziekte, toestanden, beslommeringen en ellende.
Ik kan nergens heen, ik durf niet eens naar buiten
en zeker niet alleen! Ik kan geen vakantie nemen.
Niet weg van eenzaamheid, verveling, armoede
En zinloosheid.’t Enige dat ik mee maak is chaos, troep.
Een puinhoop maak ik van mijn leven. ’t Liefst
wil ik als iedereen doodgewoon ver weg zijn,
van iedereen die ik toch nooit zie: in ‘t buitenland
hoef ik jullie niet weemoedig, hoopvol op
te wachten.Zalig ijsje, heerlijk, lekker puh.
Anneke Slagter