Liggend in bed
in het eindeloze niets
als de nacht zwart
of zwarter nog
zich in mij verliest.
Als ik oplos in
eeuwigheid
en mijn ogen
leeg teveel gezien
om de slaap te omarmen.
’t Onrustig hart drijft,
gedachten spoken
vergroot in het duister,
vergeten als ik opsta
maar altijd moe.
Karen Heerema