Waar zijn mijn gedachten
Warme wind in de witte zeilen
Met het roer vast in handen
voorspelt de strakblauwe lucht geen gevaar
De giek slaat onaangekondigd
Donker dwalen mijn gedachten
Geen houvast
Geen landvast
Geen aanknopingspunt
Buiten mijn hoofd buitelen ze uiteen
Flarden bewustzijn, mijn gedachten denken zichzelf
Omgevallen boekenkast
Wie trekt toch steeds een laatje open
Wie loopt er te fluisteren op de gang
Wie laat zijn voetstappen liggen
op de vloer
Ik ben slechts toeschouwer in mijn bed
Het witte konijn in de vensterbank
vraagt of ik zijn gedachten wil zien
De boom komt aanlopen en buigt zijn kruin
Kijk dit zijn zijn gedachten
De klok heeft een bontmuts op
terwijl de hittegolf zucht
onder haar eigen zware deken
komen de blote benen uit de klok
of uit de muts, dat kan ik niet goed zien
Het karretje met eten is er ook alweer
maar kauwen kan ik niet
Ik probeer mijn gedachten te vangen
Mijn gedachten zijn toch van mij?
En als het mijn gedachten zijn dan
horen ze toch in mijn hoofd?
Ik vind dat zelf wel slim bedacht,
maar ze zijn me te snel af
en verdwijnen lachend in de nacht
mij alleen achterlatend met
niets
Ziekenhuisgeluiden brengen
alles
weer tot leven
Karen Heerema